De plant staat centraal in onze voeding: zij vormt de spil,
waarrond alles wat leeft, draait. Ondanks de grote technische vooruitgang van de
laatste decennia, kan nog steeds geen laboratorium de belangrijkste
voedingsstoffen, nodig voor mens en dier, vervaardigen. Een plant is meer dan
een scheikundige fabriek. Schijnbaar zeer gemakkelijk, verricht de plant de
meest ingewikkelde chemische reacties. Het verloop van deze processen is nog
altijd niet gekend en tot heden heeft men, tevergeefs, getracht deze processen
na te bootsen. Moest men hierin gelukken, dan zou dit onvoorstelbare gevolgen
hebben voor de voedselvoorziening.
Uit het koolzuur van de lucht, en hierbij geholpen
door het zonlicht, kan alléén de plant de zo
onontbeerlijke stoffen, als (druiven)suiker en andere organische stoffen
opbouwen: gelijktijdig geeft de plant zuivere zuurstof
af, volstrekt onmisbaar voor ons 1even.
De plant beperkt zich niet tot de vorming van suiker en het
afgeven van zuurstof, maar vangt tevens kosmische energie op in de vorm van het
zonlicht, en verzamelt die als
scheikundige energie. Deze energie verbruikt de plant later dan voor andere
scheikundige functies. Tenslotte zijn hieruit al onze brandstoffen in de vorm
van kolen, olie en aardgas ontstaan.
De planten, evenwel, zorgen niet alleen voor onze voeding,
maar zij verschaffen ons ook, in de gedaante van geneeskruiden, middelen die
ziekten kunnen voorkomen en genezen.
De kwetsbare en sterfelijke mens zoekt, in zijn aangeboren
streven tot zelfbehoud, een middel tegen elke kwaal.
Waar kon de mens, heel in het begin van het mensdom, dat middel, dat
geneesmiddel vinden? In de natuur, de bovennatuur en het bijgeloof. En zo zocht
de mens in zijn onmiddellijke omgeving, in de hem omringende natuur.
En tijdens al die jaren van zoeken ondervindt de mens dat sommige middelen,
inderdaad, genezing brengen.
Eeuwen lang vormden vooral de planten en de daaruit
samengestelde preparaten, naast zekere mineralen en dierlijke producten, de
geneesmiddelen van de mensheid.
Intussen heeft de mens zich een nieuw "natuurrijk" opgebouwd,
namelijk het synthetische. Geneesmiddelen, langs scheikundige weg samengesteld,
hebben de plant in de geneeskunde van de meeste landen van de eerste plaats
verdrongen.
Toch is het zo dat wij, ook heden nog, vele geneeskruiden
niet missen kunnen: omdat zij nog steeds zeer waardevol zijn. Sommige
geneeskruiden maken nog altijd deel uit van onze geneesmiddelenschat.
Trouwens de belangstelling voor de geneeskruiden is, ondanks
de vele, langs scheikundige weg, vervaardigde geneesmiddelen ook nu nog groot.
Er bestaat niet alleen bij het volk een bijzondere voorliefde voor: plantaardige
geneesmiddelen, ook de wetenschap vindt hier een rijk arbeidsgebied. Zo werden
en worden nog voortdurend van vele kruiden de werkzame stoffen gevonden, stoffen
die dan kunnen onttrokken, worden aan de plant en; in zuivere toestand
toegediend worden
Wij willen hier: geen pleidooi houden voor de geneeskruiden
en hun gebruik door de mens. Onze bedoeling is eerder, deze planten, die hier
bij ons.voorkomen, te beschrijven, ze dus beter te leren kennen. Wij zullen
trachten na te gaan voor welke kwalen ze door onze voorouders gebruikt werden,
en wat hiervan heden ten dage nog overschiet bij onze bevolking. Hun toepassing
in de moderne wetenschappelijke geneeskunde zal ook aangehaald worden.
Wij zullen, tenslotte, niet nalaten te wijzen op.mogelijke gevaren bij het gebruik ervan: door mens en dier.
R. Geysens.