
In de vorige bijdrage hebben we gehandeld over het ontstaan
van de volksgeneeskunde. Zo zagen wij dat de mens reeds van in de oudste tijden naast zijn
instinct ook zijn verstand gebruikt heeft om een methode te vinden die toelaat in de hem
omgevende natuur geneeskrachten te ontdekken voor hemzelf, zijn soortgenoten en ook voor de dieren.
In deze aflevering zullen we het hebben over de op- en uitbouw van de volksgeneeskunde door de
eeuwen heen.
In de volksgeneeskunde overheerst het VERBAND dat de mens ziet tussen de uiterlijke tekenen der
dingen en hun geneeskracht.
Zo is een min of meer waarneembare gelijkenis in vorm, kleur, naam, gedaante, enz. van
plantendelen met menselijke of dierlijke organen, aanleiding geweest tot een soms blindelings
vertrouwen in hetgeen men noemt de SIGNATURENLEER of LEER VAN DE TEKENS.
Deze theorie, die reeds van in de oudheid bestond, maar in de Middeleeuwen furore maakte, stelt
voorop dat de zaken die als geneesmiddel gebruikt worden, door een of andere eigenaardigheid,
er op wijzen bij welke ziekte zij met succes kunnen aangewend worden.
- Zo wijst het leggen, op een hondenbeet, van een haar van de hond die gebeten heeft, op het verband
met de OORZAAK van de kwaal.
- In veel gevallen heeft men zich laten leiden door de gelijkenis in VORM of UITZICHT.
Men begrijpt dan ook dat longziekten te genezen zijn met longkruid, met de vlekken op zijn
bladeren en de longknobbeltjes.
Hoofdpijn (en vallende ziekte) zal gelenigd worden met plantendelen, die de vorm hebben van een
hoofd, zoals okkernoten, slaap- of papaverbollen, zeeajuin en pioenknoppen v66r de ontluiking van
de bloem.
Werkzaam tegen kropgezwellen, klieren van de hals, aambeien (speen), zijn planten met
knobbelachtige wortelen; vb het knopig helmkruid.
Speenkruid is natuurlijk doeltreffend tegen speen.
Tegen aambeien zijn verder werkzaam bolvormige wortels zoals look, ajuinen,en ook de bollen van de
witte lelie.
Zo overtuigde men vroeger de mannen ervan dat zij levenskrachtiger zouden worden en ook dat ze
mannelijke nazaten zouden hebben, indien ze aten van sommige orchissoorten, en meer bepaald van de
mannetjes, juist omdat de wortels ervan op kullekens of testikels geleken.
Hondsdolheid wordt genezen door het eten van een plant, de .....ong. (nvdr onleesbaar)
Kruiden met gezaagde of doorboorde bladeren, of met delen die op een bijl gelijken, hebben
geneeskracht tegen wonden; nl. Sint Janskruid, het Heidens wondkruid.
Haarvormige planten als Venushaar en boomkorstmos, en sterk getande kruiden zoals brandnetels en
de grote klis, zijn dienstig tegen haaruitval.
De steeds bedauwde bladeren van de zonnedauw ( Drosera ) maken dat kruid geschikt voor uitdrogende
mensen en longtering.
Maar een andere keer baseert men zich op de gelijkenis in de kleur van plantendelen met menselijke
organen en hun aandoeningen.
De gele kleur van het sap van de stinkende gouwe wijst op zijn werking tegen geelzucht: werkzaam
tegen dezelfde ziekte zijn ook saffraan en eierdooiers.
Witbloemige planten zijn aangewezen om een blanke huid te verkrijgen. Hierbij moet evenwel
opgemerkt worden dat een ge...zeerde (??) huid, thans in de mode is; maar, weeral brengt de natuur
ons het nodige middel, namelijk de olie getrokken uit de bloemen van de bergamotplant.
Planten met rode bloemen, vruchten, stengels en wortelen gebruikt men voor aandoeningen van de
bloedsomloop.
Nu eens stremmen of stelpen zij bloedingen; overvloedige menstruaties, kraamvrouwenvloed, rode
loop,enz.: sandelhout, sap van de ....enboom, tormentil, robertskruid, pioen, enz.
, en in dezelfde zin: rode wijn en bloedsteen.
Dan weer wordt de bloedsomloop gestimuleerd, de menstruatie opgewekt; vb. rode bieten, bladeren
van rode kolen.
Sommige gekleurde voorwerpen - en nu zitten we even buiten ons plantenrijk - worden veelvuldig
toegepast in de volksgeneeskunde onder vorm van een lapje rode flanel, een rode baai, of rode draad.
Diezelfde rode dingen worden gebruikt, ook als amulet, bij huiduitslagen, vurige ontstekingen, enz.
Ook de analogie van de naam van planten met menselijke of dierlijke organen en hun aandoeningen,
heeft een rol gespeeld in onze volksgeneeskunde.
Beten van dolle honden zal men kunnen genezen met de hondsroos of de bondsribbe.
Leverkwalen worden genezen met het leverkruid.
De steenbreek is bij machte om blaas- en nierstenen uit drijven.
De roos helpt bij wondroos.
Maretakken maken de mare of nachtmerrie onschadelijk als men ze in huis of in de stal hangt.
Men beroept zich verder soms op een feit uit de geschiedenis.
Zo verklaart men de bedevaart ter
ere van de H. Lucia tegen de keelpijn, omdat haar keel met een dolk doorstoken werd.
De H.
Apollonia wordt aanroepen voor tandpijn, omdat men bij haar de tanden uit de mond rukte.
Voor hoofdpijn gaat men op bedevaart ter ere van Sint-Baptist, omdat hij werd onthoofd.
(wordt vervolgd)
R. Geysens.