Heemkundige kring
VELPELEVEN
- Boutersem
 

 
 
   

De deelgemeente Kerkom

Ontstaan:

Kerkom maakte samen met Kumtich, Roosbeek en Meensel, deel uit van een domein dat omstreeks 840 door Lodewijk 1 de Vrorne, zoon van Karel de Grote, geschonken werd aan de abdij van Cornelimunster of van Inde in de omgeving van Aken.

Zusters van de Orde der Cisterciënzers, Later van "La Ramée" genoemd, kregen van die abdij een aanzienlijk leen in Kerkorn waarop zij een klooster oprichtten met kerk en nabijgelegen graanschuur.

Toen de graven van Leuven Brunengeruz in bezit namen, eigenden zij zich ook de voogdij over de kloostergemeenschappen toe.

Op grond hiervan gaven zij het domein in kwestie in onderpacht aan één van hun trouwe vazallen, die dan "van Kerchem" genoemd werd.

Vervolgens ontstonden in Kerkom, onafhankelijk van de rechten van de abdij van Cornelimunster, naast het "Leenhof van Kerkom", nog andere cijnshovén waarvan de voornaamste "Bijvoorde" en "Velphoven"waren.

Enkele getalletjes:

Deze cijfers geven enkele gegevens aangaande het aantal inwoners. 

 

JAARTAL

OPP.

AANTAL GEZINNEN

AANTAL INWONERS

AANTAL INW.

IN RUSTHUIS

TOTAAL INWONERS

2001

684 HA

432

1139

 

1139

2002 438 1165 1165
2003 446 1184 1184

Het wapenschild van Kerkom:

Het koninklijk besluit van 22 maart 1920 schonk aan Kerkom het wapen van zijn eerste heren: "een veld van sabel (zwart) met het schildhoofd van goud beladen met drie palen van keel (rood). Het schild wordt gehouden door een Sint Martijn van Tongeren van zilver.

Het veld van sabel zou er kunnen op wijzen dat ook zij afstamden van één van de zeven Leuvense geslachten, namelijk de Gielissen, gesproten uit de 6de dochter van Bastijn de Groote, en Salomon Gielis (Judith).

 

 

Copyright © Velpeleven Boutersem
Web: Dany